Spiritualiteit, Kunst en Wetenschap 

Vier stadia in onze ontwikkelingsgang

Vier stadia in onze ontwikkelingsgang kenmerken zich door het gebruik van het instinct, het intellect, de intuïtie en het meest ontwikkelde stadium, de verlichting. Het gedrag in elk stadium wordt bepaald door de toestand en werking van de energiecentra in ons etherisch lichaam. Zo verbindt het instinct ons met de dierenwereld en werkt via de zonnevlecht en de lagere centra onder het middenrif – het intellect verenigt ons met onze medemens door middel van het keel- en voorhoofdcentrum boven het middenrif – de intuïtie geeft inzicht in het leven van het geheel door middel van het hartcentrum –  en verlichting, ook wel het goddelijk instinct genoemd, werkt, het kruincentrum gebruikend, via de ziel.
Door onze eigen inzet, klimmen we in vier stadia, incarnatie na incarnatie, op in ontwikkeling, van instinctief, via intellect en intuïtie, tot verlicht gedrag en brengen de energie van de centra in ons etherisch lichaam van onder het middenrif naar die van erboven tot stand. We kunnen niet genoeg benadrukken dat, willen we de oorzaken van onze fysieke en psychische gesteldheid kunnen herkennen en plaatsen, kennis nodig is van dit gestaag opklimmend ontwikkelingsproces, waarin het punt van evolutie en de energiecentra in het etherisch lichaam zo’n essentiële rol spelen. 

In eerste instantie, wanneer we de moed hebben opgevat de innerlijke weg te betreden, werken we aan de versterking, de vorming, van ons karakter met de bedoeling in staat te zijn ons van de instinctieve angsten die ons zo sterk beïnvloeden, te bevrijden. Zo raken we langzamerhand vertrouwd met het begrip energie, zien onszelf als een energiesamenstelling van geestelijke en stoffelijke energie, de twee tegengestelde polen met hun verhouding tot elkaar, en zijn ons ook bewust van het feit dat uit deze twee polen een derde energie ontstaat, (zie eerste artikel) die door het vierde of mensenrijk tot uitdrukking wordt gebracht. In dit energetisch gebied, de wereld van de bewuste ziel, hebben angsten geen plaats.

Het feit dat het mensenrijk het vierde natuurrijk is, doet veronderstellen dat het eerste, tweede en derde natuurrijk eraan vooraf gaan. Deze eerste drie worden de ondermenselijke rijken genoemd ofwel het mineralen- planten- en dierenrijk. Het bovenmenselijk rijk, voortkomend uit het mensenrijk, is het vijfde of geestelijk rijk, dat we, met een lang afgelegde innerlijke weg achter ons en het inspirerende Watermantijdperk voor ons, dichter naderen. De instromende geestelijke energieën maken ons als mensheid steeds meer scheppend, wat toetreding tot dit vijfde natuurrijk mogelijk maakt.
Bovenmenselijke wezens manifesteren geestelijke energie – ondermenselijke wezens de energie van de stof – en menselijke wezens de energie van de ziel. Hieruit kunnen we opmaken dat wij mensen duidelijk de functie hebben van middelaars tussen de boven- en ondermenselijke rijken. We zijn ontvankelijk voor de energieën van de bovenmenselijke wereld en dragen de verantwoordelijkheid deze door te geven aan alles wat minder ontwikkeld is in de menselijke wereld en de werelden eronder.
Bovenmenselijke levens drukken zich in volledige harmonie uit en werken gecoördineerd samen met het doel van onze planeet.
Menselijke levens kenmerken zich door beweging, door gestage verandering in het bewustzijn, met als doel het werkelijke te kunnen vaststellen en door middel van ervaring het ware tot uitdrukking te brengen.
Ondermenselijke levens werken blindelings en zijn niet in staat bewust te reageren.
In de ondermenselijke rijken en de onontwikkelde mens beschermt het instinct het leven van alle organismen en het houdt de meeste gewoonten in stand. Veel van ons emotionele leven wordt door het instinct bestuurd. De zonnevlecht, het hoogste centrum onder het middenrif, is overactief in dit stadium. Dit energiecentrum wordt wel het brein van het meer ontwikkelde dier genoemd en is tevens het krachtigst bij de minder ontwikkelde mens.

Door bewust onze mentale eigenschappen te ontwikkelen, beginnen we met het ontplooien van de hogere vermogens en talenten. Ons keel- en voorhoofdcentrum worden dan werkzaam, maar de hogere psychische krachten van de bewuste ziel, zoals het geestelijk waarnemen, komen tot onze beschikking wanneer we, vooral door meditatie geactiveerd, de persoonlijkheid in dienst van de ziel en zijn hoger doel hebben gebracht. Ons kruin- hart- en keelcentrum zijn dan volop actief. In dit verlichte stadium waarin ons kruincentrum en het hele hersengebied rondom de pijnappelklier dynamisch werken, zijn wij als geestelijke mens de bestuurder van ons leven geworden en hebben we de volledige beheersing over alle vermogens en krachten. In dit stadium zijn we in staat in volkomen harmonie gecoördineerd samen te werken met het doel van onze planeet.

 


 

One Response

  1. Lieve Titia,

    ~~Jouw website heb ik bekeken en gelijk deze laatste blog gelezen.

    Steeds weer zijn de blogs de moeite waard om te lezen.

    Deze zin kwam er voor mij uit.

    In eigen bewoording:

    In het evolutie-ontwikkelingsproces blijft het eerdere steeds behouden om naar terug te gaan en

    het nieuwere om naar uit te kijken.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe jouw reactie gegevens worden verwerkt.

 
Home Wetenschap Vier stadia in onze ontwikkelingsgang